Verschillen tussen landen
door Pim de Graaf
Wij werken in twee landen in Centraal-Afrika: Congo-Brazzaville en Rwanda. De verschillen tussen de twee landen zijn enorm. Het begint met de oppervlakte en de bevolkingsdichtheid, maar er is veel meer. Rwanda heeft een zorgverzekeringsstelsel dat 96% van de bevolking dekt en op een klein oppervlakte (ongeveer zo groot als België) heeft het een dicht netwerk van gezondheidscentra en ziekenhuizen. Daarmee hebben de mensen in het algemeen goede toegang tot zorg en er wordt hard gewerkt aan de kwaliteit daarvan. In Congo-Brazzaville is het nog lang niet zover, mede vanwege de grote afstanden. De plannen voor een zorgverzekering zijn in de maak, maar vooralsnog betalen de mensen uit hun eigen portemonnee voor de meeste zorg die ze nodig hebben. In een land waar bijna de helft van de bevolking onder de armoedegrens leeft proberen veel mensen het niet eens.
Voor onze stichting betekent dit dat we een strategie voor de komende jaren proberen te ontwikkelen die rekening houdt met de verschillen. In Congo-Brazzaville proberen onze vrijwilligers steeds meer om mee te denken met de overheid over een effectieve en haalbare aanpak van ondersteuning van kinderen met cerebrale parese en hun ouders; een aanpak die de ouders niet teveel geld kost. Uiteindelijk moet er een Nationaal Actie Plan komen. We houden er rekening mee dat het een aantal jaren gaat duren voordat het plan er is en de overheid ook de middelen kan toewijzen om het uit te voeren. Wij willen al die tijd meehelpen, met expertise, financiële middelen en met heel veel geduld. In Rwanda werken we alleen op het gebied van kinderorthopedie, niet op het gebied van cerebrale parese. We hebben laten weten open te staan voor verzoeken op dat gebied, maar misschien is het niet nodig.
Daarnaast hebben we in Congo-Brazzaville de afgelopen 13 jaar veel orthopedische missies uitgevoerd. Van honderden kinderen zijn de misvormingen aan voeten en benen hersteld en lokaal (para)medisch personeel is opgeleid. Nu proberen we met het ministerie van gezondheid afspraken te maken over de verdere ontwikkeling van kinderorthopedie in het land: waar moet kinderorthopedie uitgevoerd kunnen worden en wat is de rol van onze stichting bij het ontwikkelen van die capaciteit? We gaan ervan uit dat de ontwikkeling van een nationale strategie op dit gebied niet heel snel gaat, laat staan de implementatie ervan. Overbodig zijn we nog lang niet.